Judovereniging Jigotai

Welkom op de site van de judovereniging Jigotai

Gedragsregels, hygiëne en groetceremonie

Gedragsregels

  • Voor aanvang en aan het einde van de les zitten de sensei en de leerlingen op de knieën en groeten zij elkaar d.m.v. een buiging. De leerlingen behoren hierbij op een bepaalde volgorde te gaan zitten. Vooraan zit de hoogste band en achteraan de laagste band en/of de nieuwelingen.
  • Bij de uitleg tijdens de les mag je op je knieën of op je billen gaan zitten, of (stil) blijven staan. Je mag niet op je buik of rug gaan liggen, of op je ellebogen hangen. Dat wordt gezien als respectloos!
  • Voor en na de oefening groet je je partner d.m.v. een staande buiging. Daarmee beloof je eigenlijk aan elkaar dat je voorzichtig zal zijn en dat je samen leuk wilt gaan judoën. Je werkt elkaar tijdens het oefenen dus niet tegen en helpt elkaar bij het aanleren van een techniek. Bij een wedstrijd betekent het groeten dat je respect voor elkaar zult hebben en dat je je aan de regels zult houden.
  • Zorg bij het werpen van je judopartner dat je die altijd vasthoudt aan de zogenoemde veiligheidsarm.
  • Toiletbezoek doe je voor de les of je stelt het uit tot na de les. Kan het echt niet anders, dan moet je eerst aan de judomeester vragen of je de mat mag verlaten.

Binnen het judo hebben we met elkaar een gedragscode afgesproken.

  1. Partnerschap. De ander is niet de concurrent, maar de partner waar je met respect mee omgaat. Niet omdat dit zo hoort, maar omdat de partner het belangrijkste instrument is om verder te komen. Persoonlijke ontwikkeling is alleen mogelijk dankzij samenwerking.
  2. Openheid om te leren. De basis van judo is leren. Een judoka leert doeltreffend te handelen, maar leert ook wanneer hij/zij moet ophouden. Een judoka is niet hoogmoedig, maar heeft een weg te gaan. Een open en dankbare houding naar de partner om optimaal te leren van waardevolle lessen.
  3. Zelfbeheersing en discipline. Een judoka heeft zichzelf in elke situatie in de hand en maakt gebruik van optimale energie om maximaal resultaat te behalen. Hij/zij krijgt inzicht in het handelen en de mogelijkheden van de partner en zichzelf. Hij/zij ontwikkelt gevoel voor lichamelijke en geestelijke mogelijkheden en grenzen en leert balans te vinden dankzij het werken met partners. Door bewustwording leert de judoka juiste keuzes te maken (innerlijke discipline) en verkrijgt deze controle over de situatie. Het eigen welzijn en dat van de partner staat voorop.
  4. Eergevoel. Een judoka toont vertrouwen en betrouwbaarheid richting de partner. Dit komt tot uitdrukking in een loyale beleefde grondhouding, niet overheersend, maar behulpzaam. Dit alles op een eerlijke en respectvolle wijze.

Hygiëne

Judo is een sport met veel lichamelijk contact. In het kader van de hygiëne en een nette omgang met elkaar, hanteren we een aantal regels, mede omdat judoka’s met blote handen en voeten in contact met elkaar en met de mat komen.

  • Schone en passende kleding, zonder beschadiging
  • Schone handen en voeten
  • De obi (band) zonder rafels (omzomen dus of eventueel even door een vlam halen) 
  • Nagels van handen en voeten kort geknipt
  • Schone haren, losse haren worden bij elkaar gebonden! Dit geldt ook voor jongens. Let erop dat het elastiekje geen metalen onderdelen bevat, dit kan de huid van de tegenstander beschadigen! 
  • Geen sieraden, ook geen piercings of oorknopjes.

Dit zijn eigenlijk de ongeschreven wetten en is een onderdeel van de Dojo-etiquette.


De groetceremonie

De sempai (hoogste in rang/leeftijd van de aanwezige leerlingen) geeft de commando’s die betrekking hebben op de groetceremonie.

Als je begint met de training ga je op jouw plaats staan. Voeten naast elkaar met de hakken tegen elkaar en de tenen iets naar buiten, handen langs het lichaam. Zorg dat je kleding (judogi) goed zit en dat je band (obi) correct geknoopt om je middel zit (uiteinden even lang). 

  1. Hierna ga je in opdracht van de sempai in seiza (op de knieën op de grond) zitten met je achterwerk dus op de beide hakken. De handen in de liezen (voor jongens) of op je bovenbenen (voor meisjes).
  2. De sempai geeft het commando: Za-zen, wat betekent dat je goed gaat zitten om te groeten.
  3. Daarna zegt de sempai: Sensei rei (groet de leraar). Je buigt voorover en plaatst je handen op de mat. Op de grond maak je met beide handen met duimen en wijsvingers een driehoek (Kanku symbool). Nu pas maak je een buiging van ongeveer 30 graden voorover. De billen blijven in contact met je hielen. Kijk niet naar de grond maar zolang mogelijk naar voren. Altijd alles in de gaten blijven houden (alertheid!). Dit wordt zanshin genoemd. Dit heeft te maken met het feit dat je een krijgskunst beoefent.
  4. Na ongeveer 2 seconden richt je je weer op. Handen van de mat halen, op je dijbenen leggen (voor de meisjes) of in je liezen zetten (voor jongens) en rechtop gaan zitten.